Regie: Christopher Nolan | Duur: 106 minuten | Taal: Engels | Kijkwijzer: 12 jaar

Camera

Het begon met een telefoontje van producer Jake Meyers (The Revenant, 2015) naar zijn Nederlandse collega Erwin Godschalk. Hij belde namens regisseur Christopher Nolan die op zoek was naar een geschikte locatie voor zijn oorlogsdrama Dunkirk. Het aan het IJsselmeer gelegen Urk viel bij Nolan in de smaak, waarna een Hollywood-tsunami het vissersdorp overspoelde. Dat er in de kerkgemeente niet in het weekend, laat staan op zondag gedraaid mocht worden, was geen probleem. Goddank.

Dunkirk vertelt de gebeurtenissen die zich eind mei 1940 afspelen in de Noord-Franse havenstad Dunkerque. Honderdduizenden Britse en Franse soldaten worden op dat moment door de van alle kanten oprukkende Duitsers richting zee gedreven. Er zit niets anders op dan de troepen te evacueren; een mega-operatie die de geschiedenis zou ingaan als het ‘Wonder van Duinkerke’.

Spektakel, daar lust Christopher Nolan wel pap van. Denk aan Inception (2010) en Interstellar (2014). En Dunkirk dan? Welnu, fasten your seatbelts! De film is gedraaid op IMAX, met camera’s zo massief als een blokkendoos. De uitdaging om daarmee ook handheld te kunnen filmen bleek een kolfje naar de hand van cinematograaf Hoyte van Hoytema, die sensationeel beeldmateriaal heeft geschoten. Talrijke close-ups katapulteren de kijker tot op de huid van de personages. De beleving wordt nog heftiger door de geraffineerd bewerkte soundtrack en geluidseffecten van gigant Hans Zimmer, die zijn voorkeur voor ‘crescendo’ (geleidelijke toonversterking) nog maar eens onderstreept. Een slordigheidje is dat zijn muziek soms verzuipt in het overvloedige achtergrondgeluid.

Drie verhaallijnen (de strijd op de grond, in de lucht en op het water), omlijst door audiovisueel machtsvertoon. Adembenemend, maar een echt plot is er niet en bovendien mist de film een protagonist. Had de focus niet wat meer op de personages moeten liggen? Van het trio topacteurs Tom Hardy, Cillian Murphy en Mark Rylance krijgt alleen de laatste de kans zich te onderscheiden. Geflankeerd door zijn zoons Peter en George dirigeert de kapitein zonder veel woorden te bezigen. Een rol die de charismatische Rylance fantastisch invult.

Intens, intenser, Dunkirk: aan zweethanden of hartkloppingen valt nauwelijks te ontkomen tijdens Nolans docu-achtige blockbuster die alom met veel enthousiasme is onthaald. En die het vredige Urk op de filmkaart heeft gezet. Is het volgende Urker sprookje de bouw van een heuse bioscoop in het dorp?

 Regie: Jonathan Teplitzky | Duur: 116 minuten | Taal: Engels | Kijkwijzer: 16 jaar

Camera

The Railway Man vertelt het verhaal van de Schotse verbindingsofficier Eric Lomax (Colin Firth). In 1942 nemen de Japanners hem gevangen en moet hij werken aan de beruchte Birma-spoorlijn. Hij tekent een gedetailleerde kaart van deze spoorlijn en bouwt met zijn kompanen een geïmproviseerde radio. Beide items worden gevonden, waarop de Japanse militaire politie hem ondervraagt en hevig foltert. Hij overleeft de wreedheden en keert na de oorlog terug naar het Verenigd Koninkrijk. In 1980 ontmoet hij in de trein zijn toekomstige vrouw Patti (Nicole Kidman). Zijn ervaringen voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog tekende Lomax op in zijn autobiografie The Railway Man (1995).

Eric wordt nog altijd gekweld door zijn herinneringen aan de verschrikkingen. Maar erover praten doet hij niet, ook niet met Patti. Radeloos wendt ze zich tot Finlay (Stellan Skarsgård), een bevriende lotgenoot van Eric. Die toont haar een document waaruit blijkt dat Nagase, de tolk die Eric ooit afbeulde, nog in leven is. Het is de aanzet tot het beste gedeelte van de film waarin verbittering en berouw elkaar recht in het gelaat staren.

Colin Firth is weer ouderwets goed. Ook Nicole Kidman levert degelijk werk af, alhoewel het even wennen is haar in een bijrol te zien. Uitstekend zijn de acteerprestaties van de Hiroyuki Sanada (de oude Nagase) en Jeremy Irvine (de jonge Lomax).

Dagelijks berichten de media over talloze brandhaarden. Op het gevaar af immuun te worden voor menselijk leed. Sommige dingen zijn immers zo erg, zo vernederend en zo beschamend dat ze niet in taal uitgedrukt kunnen worden. De kunst om haat te transformeren tot vergeving is de essentie in The Railway Man. Een aangrijpend relaas over de waanzin van oorlog, steevast gevoed door leugens en indoctrinatie. Ga goed zitten voor deze indrukwekkende film waarin beul en slachtoffer na lange tijd vrede sluiten.

The Railway Man

 Regie: Erik Poppe | Duur: 117 minuten | Taal: Engels | Kijkwijzer: 16 jaar

Camera

Anders dan de titel wellicht doet vermoeden is A Thousand Times Good Night geen verhaal over hartstochtelijke liefdestaferelen. Integendeel. De openingsscène biedt de kijker een indringende blik in het beroep van hoofdpersoon Rebecca (Juliette Binoche). Ze is gerenommeerd oorlogsfotografe en legt in de Afghaanse hoofdstad Kaboel een zelfmoordaanslag op een markt vast. Haar vastbeslotenheid om hierin tot het uiterste te gaan kost haar bijna het leven.

Terug in Ierland stelt haar man Marcus (Nikolaj Coster-Waldau) haar voor de keuze: gezinsleven of werk. Rebecca kiest aanvankelijk voor het eerste, maar bedenkt zich wanneer ze haar oudste dochter voorstelt samen af te reizen naar Kenia om foto’s te maken in een vluchtelingenkamp. Merkwaardig genoeg stemt Marcus in. In Kenia riskeert Rebecca wederom lijf en leden ten faveure van de heilige kiekjes.

Een geëngageerd fotografe, gedreven door haar woede om ’s werelds verschrikkingen, komt in conflict met haar moederlijke verantwoordelijkheden. Het scenario draait uitsluitend om dit spanningsveld. Rebecca’s dilemma gutst voortdurend van haar gezicht af. Ze slaagt er maar niet in haar dierbaren te overtuigen van haar diep verankerde missie. De toegewijde Marcus – een soort neanderthaler gereïncarneerd als knuffelbeer – weet op zijn beurt Rebecca niet te bewegen het gezin als prioriteit te stellen. Vrijwel iedere dialoog draait om deze netelige kwestie. Elk preekt echter voor eigen parochie, waardoor enige evolutie niet valt op te tekenen en de film smaakt naar lauwe stamppot zonder spekjes.

Het drama A Thousand Times Good Night komt vrijwel niet uit de verf. Hoe visueel geslaagd Poppes film ook is, de diepgang ontbreekt. Het plot is zo plat als een dubbeltje, de karakters zijn eendimensionaal en de ethische kanten van de oorlogsfotografie blijven onderbelicht. Het is duidelijk dat regisseur Erik Poppe, zelf voormalig oorlogsfotograaf, nogal blikvernauwend te werk is gegaan. Het resultaat is een semi-autobiografisch melodrama met een voorspelbaar einde.

A Thousand Times Good Night